Allochtonen en nationaliteiten

Het begrip allochtoon wordt gebruik om onderscheid te maken tussen de oorspronkelijke bewoners van Nederland (autochtonen) en degenen die uit het buitenland afkomstig zijn.

De reden voor het introduceren van de term ‘allochtoon’ was de negatieve bijklank die begrippen als vreemdeling, gastarbeider, buitenlander en immigrant gekregen hadden. In 2009 is, met hetzelfde argument, tevergeefs voorgesteld om het begrip allochtoon te vervangen door ‘nieuwe Nederlander’. Pas in februari 2013 kwam het begrip in onbruik bij de Gemeente Amsterdam.

Wat is de definitie van het begrip (niet-westerse) allochtoon?

De definitie van het begrip allochtoon is volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS): een persoon van wie ten minste één ouder in het buitenland is geboren. Degenen die zelf in het buitenland zijn geboren, worden aangeduid als de eerste generatie allochtonen en personen die in Nederland zijn geboren als de tweede generatie. Het CBS maakt in de statistieken onderscheid tussen westerse en niet-westerse allochtonen. Tot de categorie niet-westers allochtonen behoren inwoners uit Turkije, Afrika, Latijns-Amerika en Azië, met uitzondering van Indonesië en Japan.

Hoeveel allochtonen wonen er in Nederland, wat is het aantal nationaliteiten?

Nederland telde in april 2012 ruim 16.7 miljoen inwoners. Daarvan is ongeveer twintig procent allochtoon (tien procent westers en tien procent niet-westers). In Amsterdam, Rotterdam en Den Haag behoort een derde van de bevolking tot de categorie niet-westers allochtoon. In het grootste deel van Nederland ligt dat percentage onder de tien procent.

In totaal telt Nederland 190 nationaliteiten. Ruim 900.000 inwoners hebben twee nationaliteiten. Amsterdam telde op 1 januari 2009 ruim 170 nationaliteiten en is daarmee de stad met de meeste nationaliteiten ter wereld, Antwerpen staat op de tweede en New York op de derde plaats.