Omgang met verschillen

Verschillen tussen leerlingen (cultuur; geslacht; huidskleur; intellectuele, emotionele of fysieke capaciteiten; seksuele geaardheid; politieke overtuiging; sociale of familiale achtergrond) kunnen een verrijking zijn voor iedereen. Andere verschillen (kansarmoede, leerstoornissen) leiden er vaak toe dat leerlingen ongelijke kansen hebben.
Hieronder vind je meer informatie over de mogelijke verschillen waarmee je als docent geconfronteerd kunt worden.

Hoe moet ik omgaan met de instroom van kinderen van vluchtelingen?

Veel docenten hebben te maken met instroom van kinderen van vluchtelingen die dikwijls getraumatiseerd zijn en het Nederlands slechts in geringe mate beheersen. Via de links hieronder krijg je algemene achtergrondinformatie over hoe je kunt omgaan met kinderen van vluchtelingen. Zie de website van Lowan  (ondersteuning nieuwkomers) voor meer actuele informatie.
Via de pagina Taaldidactiek kun je veel lesmateriaal vinden en aanwijzingen voor de aanpak van de lessen aan heterogene taalklassen.

Waar kun je informatie vinden over omgaan met verschillen in cultuur en religie?

De website levobieb.nl bevat informatie voor leerkrachten en docenten PO, VO, MBO en HBO, studenten, predikanten, pastores en kerkelijk werkers, en verder iedere geïnteresseerde in levensbeschouwing en identiteit. Via Beeldbank van School TV kun je veel filmfragmenten vinden die bij het onderwerp diversiteit en wereldreligies ingezet kunnen worden. Een heel bruikbaar tijdschrift is KLEUR. KLEUR is bedoeld voor scholen voor primair onderwijs die bewust kiezen voor multireligieuze en multiculturele ontwikkeling. Een veelgebruikte methode op Rooms Katholieke basisscholen is de Hemel en Aarde. Op de site van het SLO staat een reflectiekader voor scholen (primair en voortgezet onderwijs) voor het omgaan met culturele en religieuze diversiteit. Via de Vlaamse site Thomas kun je een test doen over de kennis van de belangrijkste wereldreligies.

Waar kun je informatie vinden over aandacht voor seksualiteit en seksuele diversiteit?

In 2011 heeft minister van Bijsterveld besloten om de kerndoelen voor PO (38), SO (53) en VO (43) aan te passen door een passage toe te voegen. De formulering luidt nu ‘De leerlingen leren […..] respectvol om te gaan met verschillen in opvattingen van mensen, met daarbij aandacht voor seksualiteit en seksuele diversiteit’. Klik hier voor de brief die de minister hierover naar de 2de kamer heeft gestuurd. Speciaal voor Pabostudenten is de site http://www.homolesbiopschool.nl/ ontwikkeld met aandacht voor de onderdelen ‘identiteit’, ‘kennis’ en ‘vaardigheden’. Andere interessante sites zijn http://www.ihlia.nl/ en http://www.gayandschool.nl/. Zie ook de informatie over de publicatie van Kinderen en Seksualiteit van Sanderijn van der Doef.

Hoe ga je om met vooroordelen, discriminatie en racisme in de klas?

Discriminatie is een heel gevoelig onderwerp, omdat sommige leerlingen hier dagelijks ervaring mee hebben, maar ook omdat anderen het gevoel hebben dat ze niet meer mogen zeggen wat ze vinden. Het is daarom belangrijk om in het team van een school van gedachten te wisselen over dit onderwerp en om samen met de leerlingen stil te staan bij wat discriminatie nu eigenlijk is. Hiervoor verwijzen we graag naar de volgende handige websites: Artikel1 en Dutchkids.  Over discriminatie van Marokkaanse jongeren op school is in 2015 een interessant rapport verschenen.

 

Hoe ga je om met etnische spanningen in de klas?

Een interessant onderzoek naar het omgaan met etnische spanningen door docenten is Teaching in diversity van Hester Radstake. Voor een Nederlandse samenvatting kun je hier klikken. Zie ook Abdullah Pehlivan over interetnische spanningen in het voortgezet onderwijs (2009). Er zijn verder veel organisaties die zich intensief met dit thema bezighouden, zoals het Centrum voor School en Veiligheid. De websites Artikel 1de vreedzame school.nl en leefstijl.nl bieden ook informatie over etnische spanningen en racisme op school. Het is van belang om het bij spanningen in de klas te weten of het gaat om puberale rebellie, polarisatie of radicalisme. Klik hier voor een definiëring van de termen en voor informatie uit het jaarverslag van de AIVD. Nuansa is het Kennis- en Adviescentrum Polarisatie en Radicalisering van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Nuansa biedt ondersteuning, antwoord op vragen en professionalisering. Klik hier voor de website van nuansa. In 2007 heeft het Kabinet het Actieplan Polarisatie en Radicalisering 2007-2011 ontwikkeld vanuit de behoefte aan een meer specifieke beleidsimpuls op dit toen nieuwe beleidsterrein. Op het IJburg College in Amsterdam is een bijzonder project uitgevoerd, Challenge Day, dat bedoeld is om spanningen in de klas tegen te gaan, door leerlingen opener met elkaar te laten communiceren. Van dit project, naar een concept uit de VS, is door de KRO een indringende documentaire gemaakt: Over de streep.

Hoe ga je om met ouders met een andere culturele achtergrond?

Net als bij je leerlingen is ook bij ouders een open en sensitieve houding van belang. Ook is het nuttig om kennis te hebben van verschillende culturele achtergronden van de ouders. Op de site van Leraar24 kun je veel filmpjes vinden over contacten met ouders. Zie bijvoorbeeld het filmpje over een oudergesprek met de vader van brugklasleerling Fatima, die niet wil dat ze meegaat met een kennismakingsweek. Klik op de link naar de website Opvoeden is een gesprek voor essays over opvoeden vanuit migrantenperspectief en voor een video van de conferentie over ‘opvoeden in Turkije, Marokko en Suriname’.

Wat betekent dit alles voor de docent?

Een leraar die pedagogisch competent is, biedt de leerlingen of studenten in een veilige leer- en werkomgeving houvast en structuur bij de keuzes die zij moeten maken en hij bevordert dat zij zich verder kunnen ontwikkelen. Zo’n leraar zorgt ervoor dat de leerlingen/deelnemers weten dat ze erbij horen, welkom zijn en gewaardeerd worden, dat leerlingen op een respectvolle manier met elkaar omgaan en uitgedaagd worden om verantwoordelijkheid voor elkaar te nemen, dat leerlingen initiatieven kunnen nemen en zelfstandig kunnen werken en dat ze hun affiniteiten en ambities leren ontdekken en op basis hiervan keuzes kunnen maken met betrekking tot hun studie en loopbaan. Zie voor een toelichting op de docentcompetenties en de wet BIO ook de Brochure Je groeit in het onderwijs. Na 2006 is er hard gewerkt aan het vastleggen van een kennisbasis per vak in PO en VO, op de site van leraar24 kun je de Kennisbasis Nederlandse taal vinden en een Generieke Kennisbasis. In een multicultureel samengestelde klas worden niet zozeer andere eisen gesteld aan je pedagogische competenties, maar krijgen deze een multiperspectivische inkleuring. In de publicatie: Op zoek naar docentcompetenties van Maaike Haijer uit 2006 vind je meer informatie over dit onderwerp.
Niet iedereen vindt overigens dat je pedagogisch handelen in een klas met veel allochtone leerlingen heel anders zou moeten zijn. Prof. Theo Wubbels van de Universiteit van Utrecht is bijvoorbeeld van opvatting dat leraren in een multiculturele klas niet anders te werk gaan dan leraren in een klas met alleen autochtone kinderen. In hoofdstuk 5 van de publicatie Multicultureel Vakmanschap (pagina 41) kun je meer informatie vinden over wat dit voor de docent in de praktijk betekent. Het Model voor Interpersoonlijk Leraarsgedrag wordt veelvuldig gebruikt om gedrag te observeren en omgangsstijlen in kaart te brengen in traditionele, homogene Nederlandse klassen, maar het is ook bijzonder geschikt om situaties in kaart te brengen waarin meerdere culturen met elkaar omgaan. Hanneke Stasse (HvA) houdt in het artikel ‘Nadenken over groeperingsvormen in de les’ (2011) een pleidooi voor het bewust hanteren van verschillende groeperingsvormen die passen bij het leerdoel, de taak en/of bij het stimuleren van divers talent.